Nasleep Annie M.G. Schmidt-lezing Sjoerd Kuyper

Geplaatst op zaterdag, 08 augustus 2009. Categorie: Kinderboeken, Vrij Nederland, Achtergrond

Het dreigt onaangenaam te worden in de eens zo gemoedelijke kinderboekenwereld. Eigenlijk was het dat al een tijdje, maar tot nu toe werd daarover slechts stilletjes gemord, zo zachtjes dat niemand het hoorde. Sinds Sjoerd Kuyper, gelauwerd schrijver van een omvangrijk oeuvre voor kinderen en volwassenen, op 13 mei in zijn Annie M.G. Schmidt-lezing echter openlijk kritiek uitte op de gang van zaken in het kinderboekenvak, rommelt het.
Wat is er gebeurd? Een reconstructie.

Om te beginnen was daar die lezing. Daarin hekelt Kuyper het ‘nieuwe uitgeven’. Kuyper constateert dat het kinderboek niet meer serieus genomen wordt. Moderne uitgevers zijn managers die meer geïnteresseerd zijn in formats en series dan in literatuur. Inkomsten van bestsellers worden niet langer gebruikt als interne subsidie voor boeken die men werkelijk wil uitgeven, maar vloeien af naar de directies van grote concerns. Voor het in druk houden van een oeuvre is geen geld meer. Somber stelt Kuyper vast dat van zijn vijftig boeken er nog maar vijf leverbaar zijn. Dat zijn inkomsten zijn teruggelopen tot een fractie van wat ze ooit waren. Dat het modelcontact van tafel is geveegd en de schrijver zijn tien procent royalties moet delen met de illustrator, waarmee de schrijver degene is geworden die de tekenaar betaalt.

Na zeventien jaar bij kinderboekenuitgeverij Leopold maakte Kuyper de overstap naar Nieuw Amsterdam, waar hij drie boeken publiceerde: twee wonnen een Zilveren Griffel (één daarvan verkocht meer dan twaalfduizend exemplaren), het derde boek, Morrison krijgt een zusje, verscheen samen met de gelijknamige kinderfilm die in tachtig bioscopen werd uitgebracht. Of er nu misschien geld was voor een herdruk van een van zijn kleuterboeken over jongetje Robin, vroeg de schrijver. Het antwoord was nee.

Kuypers lezing, uitgesproken in een volle Lokhorstkerk in Leiden, leidde tot veel reacties. Kranten doken er bovenop, de Vereniging van Letterkundigen schaarde zich achter de auteur en op het weblog van kinderboekenschrijver Ted van Lieshout ontstond een verhitte discussie – vrijwel unaniem koos men Kuypers kant.

Nieuw Amsterdam reageerde geagiteerd en verweet Kuyper een onjuiste voorstelling van zaken. Volgens de uitgeverij was er wel degelijk gesproken over heruitgave van Kuypers oude werk. Daar kwam bij dat men not amused was over de vrijelijke manier waarop de schrijver in zijn lezing uit de gesprekken met de uitgeverij had geciteerd. Gevolg: Kuyper ontving een mail waarin de uitgeverij liet weten vanwege ‘verbijstering’ over de lezing de publicatie van zijn nieuwe boek De grote avonturen van Kleine Mol op te schorten. Maar opschorten kon niet, het boek was gekoppeld aan een theatertournee die in 2010 van start zou gaan en dus liet Kuyper weten zijn boek bij een ander onder te brengen. Hij vond onderdak bij Hoogland & Van Klaveren, de uitgeverij die eerder de heruitgave van zijn boek Josje had toegezegd na weigering van Nieuw Amsterdam.

Daarmee was de geschiedenis nog niet voltooid.

Op 15 juni berichtte NRC Handelsblad dat Kuyper door Nieuw Amsterdam op straat was gezet – naar aanleiding van de lezing had commercieel directeur Hendrik de Leeuw het vertrouwen in een verdere samenwerking opgezegd. Op de site van het boekenvak boekblad.nl ontkende De Leeuw deze gang van zaken: ‘Wij zijn erg teleurgesteld dat Sjoerd dit zo in de media brengt. Dat er een verkeerde interpretatie wordt gegeven aan onze woorden en uitleg. De conclusie die Sjoerd trekt is een andere dan de onze.’

Voor Kuyper was dat het mes in de rug: eerst werd hij voor zijn lezing ‘gestraft’ met het uitstellen van zijn nieuwe boek, daarna werd hij op straat gezet om vervolgens te worden uitgemaakt voor leugenaar. Misschien was het naïef van hem te denken dat zijn uitgever alle kritiek voor zoete koek zou slikken. Maar dat hij bewust op een breuk zou hebben aangestuurd zoals sommigen suggereren, is onjuist. Daarvan getuigt de lezing waarin hij na zijn aanmerkingen op Nieuw Amsterdam zei: ‘Maar ik ga niet weg bij onze uitgever, ik ben er te oud en te moe voor.’

Nee, voor Kuyper kwam alle ophef onverwacht. ‘Wat kan ik verder nog doen dan me beroerd voelen,’ schreef hij op het blog van Van Lieshout, ‘en betreuren dat uit die zo goed bedoelde lezing van mij nou net dit kleine stukje gelicht wordt waardoor ik opeens volop in de schijnwerpers sta, schijnwerpers die ik liever gericht had gezien op alle opbeurende plannen die ik in die lezing naar voren bracht om de situatie in de wereld van het kinderboek te verbeteren.’

En daarmee heeft Kuyper een punt. Want zijn lezing eindigt inderdaad met een aantal suggesties hoe de situatie ten goede kan worden gekeerd. In de eerste plaats moet het modelcontract terug op tafel. Verder moet er in de media meer aandacht voor kinderboeken komen en de ‘Blauw Geruite Kiel’ moet terug in Vrij Nederland als podium voor aanstormend talent. Ten slotte moet er een Bibliotheek der Nederlandse Jeugdliteratuur worden opgericht met klassiekers die nooit worden verramsjt.

Het zijn ideeën die in tijden van crisis en een overspannen boekenmarkt nauwelijks reëel lijken. En toch: uiteindelijk is de huidige situatie ook niet vanzelf ontstaan, die is door uitgevers en boekhandels gecreëerd. Of zoals Kuyper het zegt: ‘De schrijver maakt wat de uitgever vraagt, de uitgever maakt wat de boekhandel vraagt, de boekhandel verkoopt wat de klant vraagt, de klant vraagt wat de media hem voorschrijven te vragen.’ En dat is, voor de duidelijkheid, géén goed kinderboek. Er lijkt geen speld tussen te krijgen, maar wie het tij wil keren moet ergens beginnen. Kuypers suggesties zijn daartoe een moedige aanzet.

Zijn collega’s Hans Hagen en Ted van Lieshout borduren daar12 september op voort met een middag in de Openbare Bibliotheek Amsterdam over de positie en de toekomst van het kinderboek. ‘Een opbouwend bedoelde “protestmiddag” om de dialoog tussen uitgevers en schrijvers op gang te brengen,’ aldus Van Lieshout. ‘Gaan we samen verder of wordt het straks ieder voor zich? Zonder modelcontract lijkt het dat laatste te worden, maar na de pauze willen we de nadruk leggen op de samenwerking – op hoe we wél met elkaar verder kunnen.’

Die positieve benadering is typerend voor de kinderboekenwereld; écht onaangenaam zal het er niet snel worden. Al kan het er stevig waaien, de meeste stormen worden geen orkanen. Ook Kuyper lijkt het geloof in een goede afloop nog niet op te geven: ‘We zien wel wat er gebeurt als het eenmaal weer sneeuwt.’

Social Bookmarks

Reacties (0)

Reageer op dit artikel

Vul aub uw naam en e-mailadres in. Het e-mailadres wordt niet getoond op de website.

Annuleer Reactie wordt geplaatst...